Pietje Paniek, een issue is geboren!

Pietje Paniek, een issue is geboren!

 

‘Zwarte Piet is racisme!’ Met deze quote begon het allemaal. (Tumblr, 2012) Al jaren wordt er gediscussieerd over Zwarte Piet. Want hij is zwart. En zwart is een donkere kleur. En daar komt nog eens bij dat hij als slaaf werkt voor de goedheiligman. Een interessant motief om te protesteren tegen de vrolijke personage. Met als gevolg een onderzoek van de VN met als uitkomst het hele Zwarte Pietengebeuren maar af te schaffen.  Een issue is geboren.

 

Fasering en kenmerken van issue

Al tientallen jaren wordt er wat heen en weer gebabbeld over Zwarte Piet. Je kan dus wel zeggen dat de oorsprong van deze issue al lang geleden plaats vond. Evenals de naamgeving ervan. De derde fase van een issue is de definiëring, ook wel de manier van bestrijding genoemd. Bij definiëring zijn er drie soorten verantwoordelijkheden te onderscheiden. De eerste is het eigendom van het conflict: de mogelijkheid om de publieke definitie te creëren of te beïnvloeden. Op de tweede plaats staat de causale verantwoordelijkheid: welke oorzaak is aan te wijzen voor de issue? En ten derde de politieke verantwoordelijkheid: wat moet er aan gedaan worden. (Hemminga, 2013) Premier Rutte heeft zich al uitgelaten over de issue Zwarte Piet: “Zwarte Piet is zwart, daar  kunnen we weinig aan veranderen. Als hij wit zou zijn heette hij Witte Piet, maar de historische parabel gaat over Zwarte Piet.” Daarnaast vindt hij dat Zwarte Pieten geen zaak van de regering zijn, maar van de samenleving. (Nieuws, 2013) De vierde en vijfde fase zijn de groepering van voor- en tegenstanders en de kwantitatieve groei. Uit onderzoek onder 1697 respondenten blijkt dat 91% van de Nederlanders tegen het aanpassen van het uiterlijk van Zwarte Piet zijn. (Heijblom, de Vries, 2013) Vooral de tegenstanders (tegen het aanpassen van het uiterlijk) zijn erg fel in hun opinie. En dan komt de doorbraak. De issue wordt opgepakt door de media en komt op de publieke agenda te staan. Dit betekent dat er publiekelijk in heel Nederland over gesproken wordt. Ongemerkt is Zwarte Piet het onderwerp van het gesprek geworden. De pers en de media spelen dus een ontzettend grote rol in het oplaaien van een issue. Tot slot kan er een mediahype ontstaan. En dat is exact wat het geval is bij Zwarte Piet. De media besteed buitengewoon veel aandacht aan de issue en Zwarte Piet is ineens een ‘hot item’. Over een poosje zal de Zwarte Pietenhype bijna vergeten zijn. Het zakt langzaam weg en er komen andere dingen voor in de plaats. Maar let op, want een issue is latent en gaat nooit dood! Over een jaar, een paar jaar of tientallen jaren komt Pietje Paniek weer om de hoek kijken.

 

 

Literatuur:

Hemminga, M. (2003). Issuemanagement. Geraadpleegd op 30 oktober 2013.  

http://www.communicatiecoach.com/public-relations/issuemanagement/ 

 

Heijblom, V, Vries, de W (2013). Zwarte Piet onderzoek 2013. Geraadpleegd op 30 oktober 2013.

https://www.noties.nl/home/zwartepiet.php

 

Nieuws (18 oktober 2013). Rutte: kunt niet tornen aan Zwarte Piet. Geraadpleegd op 30 oktober 2013.

http://www.nieuws.nl/algemeen/20131018/Rutte-kunt-niet-tornen-aan-Zwarte-Piet

 

Tumblr (2012). Zwarte Piet is racisme. Geraadpleegd op 30 oktober 2013.
http://zwartepietisracisme.tumblr.com/

De mediawerkelijkheid

De mediawerkelijkheid

“Hoppaa, rijbewijs in the pocket!” “Fantastische avond gehad bij Baloe Beer. Best friends you can wish for!” “Gezellig met elkaar geklust aan ons mooie huisje#happy family”.

Zomaar een paar statussen die net voorbij kwamen bij mijn nieuwsoverzicht van Facebook.  Allemaal positieve berichten. Maar hoe vaak worden er eigenlijk negatieve berichten op Facebook en Twitter geplaatst? Zelden. Waarom zou men ook? We willen graag dat mensen een positief beeld van ons hebben dus we zetten zo veel mogelijk positieve berichten op ons account. Op deze manier wordt er een mediawerkelijkheid geschetst, een beeld dat niet overeenkomt met de echte werkelijkheid. Toch wordt deze mediawerkelijkheid steeds meer aangezien voor de werkelijkheid (Knaap, 2012). Er zijn mensen die zelfs in depressie kunnen raken door het beeld dat door de sociale media wordt geschetst. Ze denken immers dat het met heel de wereld om hen heen goed gaat, omdat alleen de leuke dingen op de sociale media worden geplaatst.

 

Een ander aspect is framing. Bij framing wordt er een bepaalde invalshoek gekozen om een boodschap te communiceren. Vooral politici en bedrijven gebruiken deze communicatietechniek in de media. Framing richt zich op het creëren van associaties en het opbouwen van imago door middel van een mooi verpakte boodschap. Wat opvalt is, dat framing zich altijd op gevoel richt en nooit op ratio (Heuvelman, Fennis & Peters, 2011).

 

Voor politici kan framing erg nuttig zijn. Door een gewenst beeld te schetsen, kan de stemmer overtuigd worden van de positieve bedoelingen van een partij. (Taalvariatie, 2010) Het is als stemmer dus belangrijk om met een kritische blik naar de boodschap van politieke partijen te kijken.

Ook bedrijven hebben vaak voordeel van framing in de media. Vaak roepen ze door middel van reclame bepaalde associaties op en creëren ze op deze manier een imago. (Taalvariatie, 2010)

Maar niet alleen politici en bedrijven doen hun voordeel met framing, ook een moeder die haar kinderen hun bord met spruitjes op wil laten eten maakt hier gebruik van. “Niet zeuren en je bord leeg eten. Arme kindjes in Afrika zouden ontzettend blij zijn met deze spruitjes.”

En doordat de spruitjes in een ander kader worden geschetst en doordat er een beroep wordt gedaan op het gevoel van de kinderen, eten ze toch maar weer hun bordje leeg. (Taalvariatie, 2010)


Literatuur:
http://www.asc.upenn.edu/usr/ogandy/c45405%20resources/scheufele%20framing%20as%20effects.pdf


Heuvelman, A., Fennis, B., & Peters, O. (2011). Framing. In Mediapsychologie (3rd ed.). Den Haag, Nederland: Boom Lemma.

 

Knaap, Jan (2012). Cultuurverschijnsel 2: mediawerkelijkheid. Geraadpleegd op 29 oktober 2013.

http://www.nederlandsmedianieuws.nl/Columnisten/jan-knaap-cultuurverschijnel-2-mediawerkelijkheid.html

 

Taalvariatie (8 mei 2010). Denk niet aan de olifant! Over framing in de politiek. Geraadpleegd op 29 oktober 2013.

http://www.taalvariatie.nl/2010/05/08/denk-niet-aan-de-olifant-over-framing-in-de-politiek/

Invloed van media op het schoonheidsideaal

Invloed van media op het schoonheidsideaal

 

Hoeveel reclames van cosmetica zijn er niet voorbij gekomen tijdens een avondje televisie kijken? Reclames waarin iedereen perfect is? Niemand te dun of te dik. Door wie wordt dit schoonheidsideaal nou eigenlijk bepaald?

Je raad het al; door de media. Door voorafgaand aan een cosmetica-advertentie een perfecte vrouw te laten zien, is een lezeres sneller geneigd het cosmeticaproduct aan te schaffen. Tijdens dit proces wordt er namelijk onmiddellijk een vergelijking gemaakt met de perfecte vrouw. (Sitebouwer, z.d.) In een flits wordt er opgemerkt wat ontzettend slank die vrouw is en gaat het eigen zelfbeeld naar beneden. Maar dan - simbaladim - is daar ineens dé oplossing. Een advertentie van een afslankmiddel. In één klap van het probleem af.  Aanschaffen die handel. En de invloed van de media heeft zijn werk gedaan.

 

Het zelfbeeld dat wij hebben, wordt dus voor een groot deel door de media beïnvloed. Vooral sociale vergelijking speelt hierin een grote rol. (Cramer, 2012)

 

Mensen vergelijken zichzelf met anderen om drie verschillende motieven. Het eerste motief is het zelfverheffingsmotief. Men vergelijkt dat om zichzelf beter te voelen dan een ander. Het tweede motief wordt het consistentiemotief genoemd. Men vergelijkt om het eigen zelfbeeld te bevestigen: klopt het wel wat ik denk? En het derde motief wordt het zelfverbeteringsmotief genoemd. Men verzamelt dan informatie om zichzelf te verbeteren en te ontwikkelen. (Festinger, 1954)

 

De media speelt vooral op dit laatste motief in. Door een beeld van een perfect persoon te laten zien, kan er ook worden ingespeeld op de waargenomen norm. Mensen die deze beelden in de media zien denken dan dat dit blijkbaar de norm in de samenleving is en dat ze daarnaar moeten streven. Vaak gaat dit in combinatie met reclame. Denk weer terug aan het voorbeeld in de tweede alinea. Nadat het beeld is gepresenteerd, wordt er reclame gemaakt om de zogenaamde waargenomen norm na te kunnen streven.

 

Het is belangrijk om als individu kritisch naar de gepresenteerde van de media te kijken en je niet te laten beïnvloeden door de media. Kijk naar je eigen normen en waarden en neem jezelf zoals je bent.

 

 

Literatuur:

Cramer, A (2012). Literatuuronderzoek Bachelor Thesis naar de effecten van blootstelling aan het dunne schoonheidsideaal op het lichaamsbeeld van vrouwen. Paragraaf 3.1 Sociale Vergelijking. Geraadpleegd op 30 oktober 2013.
http://dare.uva.nl/document/358072

 

Festinger, L (1954). A theory of social comparison process. Human relations,7, 117-140.

Doi: 10.117/001872675400700202

 

Sitebouwer (z.d.) Mediazelfbeeld- wie zijn er bij het probleem betrokken. Geraadpleegd op 30 oktober 2013. http://mediazelfbeeld.sitebouwer.com/Wie+zijn+er+bij+het+probleem+betrokken_9673.html

 

 

 

Het copycat effect

Het copycat effect

In  1994 werd er op 11 september een aanslag gepleegd op het Witte Huis van de president en de First Lady van Amerika. Frank Corder had een vliegtuig gestolen van het vliegveld ten noorden van Baltimore en crashte deze vervolgens in het Witte Huis, twee verdiepingen boven de slaapplaats van de president en zijn vrouw.
Deze gebeurtenis, die in de media gepubliceerd is, heeft duidelijk impact gehad op de gedachten van sommige mensen. Het Witte Huis was ineens het doelwit van verschillende aanvallen. In oktober 1994 loste Martin Duran negenentwintig schoten op het Witte Huis. In december waren er weer vijf incidenten bij het Witte Huis, gevarieerd van bedreigingen met een  bom in een auto, een man die met een mes rond het huis loopt en kogels die op het huis afgevuurd worden. (Coleman, 2004)

Wat is hier aan de hand? Hoe komt het dat al deze mensen ineens het Witte Huis aanvielen? Gewoon toeval misschien? Of samenzwering? Nee, dit alles heeft te maken met het zogenaamde ‘Copycat effect’.  Het Copycat effect is simpel het kopiëren van het gedrag van iemand anders. Denk aan kleine, jonge katjes die het gedrag van hun moeder kopiëren om te leren hoe ze zich in de wereld moeten gedragen. Het probleem is echter, dat niet alleen jonge katjes hun gedrag kopiëren van iemand anders. Niet alleen onschuldig gedrag wordt overgenomen. Vaak speelt de media hierin een grote rol. Een Copycat misdaad gebeurt altijd nadat er veel aandacht in de media is besteed aan een soortgelijke misdaad. In de meeste gevallen dacht de dader al aan een vorm van zelfmoord, en kiest er uiteindelijk voor om een vorm van massamoord te kopiëren. (Tom, 2013)

De invloed van de media gaat op dit gebied te ver. Misschien zou het beter zijn als alle misdaden in de media verzwegen worden. Wat is de meerwaarde ervan dat wij op de hoogte zijn van alle ellende en misdaden in de wereld? Een normaal persoon is erdoor geshockeerd. Een persoon die niet gezond na kan denken, overweegt of kopieert daadwerkelijk de misdaad. De gevolgen van misdaadberichten zijn alleen maar ter negatieven. Één ding is zeker: als er geen media-aandacht besteed wordt aan misdaden, zou de wereld een stuk beter líjken.

Literatuur
Coleman, Loren (2004). The Copycat Effect. Geraadpleegd op 5 oktober 2013. http://books.google.nl/books?hl=nl&lr=&id=3B4lTTZE58oC&oi=fnd&pg=PR9&dq=copycat+effect+school+shootings&ots=vgMscaapZq&sig=-m_f8XdHliXdytSSKHvULr9r2wE#v=onepage&q=copycat%20effect%20school%20shootings&f=false

Tom (2012). Het verschijnsel Copycat. Geraadpleegd op 5 oktober 2013. http://mens-en-samenleving.infonu.nl/diversen/26319-het-verschijnsel-copycat.html

 

 

De kracht van cumulatie

‘Carglass repareert, Carglass vervangt.’ Hoe vaak hebben we deze slogan van Carglass al niet gehoord? Je bent rustig naar je favoriete programma aan het kijken en dan is daar het legendarische zinnetje van Carglass. En deze woorden vinden hun gang naar je oren. Misschien bewust. Misschien onbewust. Maar feit blijft, dat ergens tussen je oren dat zinnetje is blijven hangen. En de de volgende keer dat je televisie kijkt, hoor je het nog een keer. En nog een keer.

 

De kracht van reclameboodschappen zit in de herhaling, ook wel cumulatie genoemd. Door deze herhaling is er sprake van amplificatie: de boodschap wordt versterkt. (ND, 2011)

 

Stel, je stapt op een vroege maandagmorgen in je auto en je ontdekt ineens een sterretje in de ruit. Na een tijdje balen en mopperen, merk je dat er een oplossing gezocht moet worden voor dit probleem. En dan ineens –plop- is daar dan dat zinnetje: 'Carglass repareert, Carglass vervangt.' Doordat deze boodschap zo vaak herhaald is, is Carglass het eerste bedrijf dat in je opkomt, met als gevolg een bezoek aan Carglass. Cumulatie speelt dus een belangrijke rol bij het zenden van boodschappen, het zorgt voor de versterking ervan.

 

Oftwel, de kracht van herhaling verandert definitief in de kracht van relevantie. (Mol, 2012)

 

Bronvermelding:

ND (2011). Herhaling is de beste leermeester. Geraadpleegd op 29-9-2013. 

http://www.nd.nl/artikelen/2008/augustus/08/herhaling-is-de-beste-leermeester 

Mol (2012). Het einde van interruptiemarketing is in zicht. Geraadpleegd op 18-9-2013.
http://www.molblog.nl/bericht/het-einde-van-interruptie--is-in-zicht/marketing

 

Geframede informatie als koek geslikt

“Binnenkort wraakacties dankzij social media” was de kop van een artikel op nu.nl, dat inging op de grote invloed van de media. Weer een typisch voorbeeld van de injectienaaldtheorie en framing. Tegenwoordig wordt de informatie van de media maar geslikt als koek. Het probleem is echter, dat de geselecteerde informatie van de media behoorlijk geframed is. Heeft een 17-jarige jongen een paar dreunen verkocht aan een willekeurig slachtoffer, dan staat het binnen de kortste keren in de krant als ‘ernstige mishandeling door minderjarige’.  Waarom? Omdat het in de media gaat om sensatie. Ernstige mishandeling klinkt nu eenmaal wat spannender dan dat iemand een pak slaag heeft gekregen. Een minderjarige die iemand mishandeld lijkt heftiger dan dat een 17-jarige jongen dat doet. Een minderjarige is immers breder, het kan ook nog een kind van 8 zijn. En de lezers nemen allemaal maar klakkeloos over wat de media hun voorschotelt, zonder er over na te denken wat bepaalde mediatermen precies inhouden. De geframede informatie wordt er als het ware met een injectienaald ingespoten. Met de gevolgen van dien. Denk weer terug aan de kop van het artikel op nu.nl: binnenkort wraakacties dankzij social media. En dit allemaal te wijten aan de injectienaaldtheorie en framing van de media. 

De invloed van de media wordt te groot. Zeg maar gerust veel te groot. Als men de voorgeschotelde informatie eens onderzoekt vóórdat het als waar aangenomen wordt én eens begint met zelf na te denken over de inhoud van bepaalde mediatermen, dan worden er al aardig wat misverstanden de wereld uit geholpen.